Redactie team, Brookz | December 22, 2016

Karmijn Kapitaal investeert uitsluitend in bedrijven die door mannen én vrouwen worden geleid. Dat is geen idealisme maar gebaseerd op een keiharde zakelijke realiteit. ‘Diverse team presteren gewoon beter dan directies met alleen maar mannen aan het roer.

Het industriële kantoor van Karmijn Kapitaal in Amsterdam-West ligt net buiten de ring A10 west. De ruimtes hangen vol met grote kleurrijke schilderijen. Op een na zijn alle doeken geschilderd door Hadewych Cels, een van de drie partners van Karmijn. Cels zit ’s avonds naar eigen zeggen liever in haar atelier dan achter haar laptop. Overdag investeert ze samen met haar twee compagnons, Désirée van Boxtel en Cilian Jansen Verplanke, in bedrijven met een divers managementteam. Dat wil zeggen: MKB-bedrijven waarin minstens een kwart van de directie uit vrouwen bestaat. Een ‘unieke focus’ zoals ze het zelf op de website noemen.

Maar daar ligt volgens Cels en Van Boxtel een keiharde zakelijke waarheid aan ten grondslag: uit internationale onderzoeken blijkt keer op keer dat bedrijven met diverse teams beter presteren dan bedrijven met alleen maar mannen in de directie. Sinds de oprichting in 2010 timmerde het trio een eerste fonds van maar liefst 50 miljoen euro uit de grond. Daarmee werden een aantal spraakmakende investeringen gedaan, waaronder de redding van lingeriemerk Marlies Dekkers, de buy-out van de succesvolle Nederlandse schoenen- en tassenontwerper Fred de la Bretonnière, en een belang in de Haarlemse brouwerij Jopenbier. De eerste succesvolle exit is ook al een feit. Vorig jaar verkocht Karmijn haar belang in geneesmiddelenbedrijf YouMedical, met een volgens Van Boxtel ‘exceptioneel rendement’. Investeerders zijn inmiddels zo enthousiast dat Karmijn deze zomer ogenschijnlijk moeiteloos 90 miljoen euro ophaalde voor een tweede fonds. Grootste uitdaging lijkt voldoende geschikte bedrijven te vinden om in te kunnen investeren. ‘Geen probleem hoor, dat geld gaan we gewoon in vier jaar uitgeven.’

Jullie eerste fonds heeft een omvang van 50 miljoen euro. Het tweede fonds telt inmiddels 90 miljoen euro. Hoe uitdagend is het om zoveel geld weg te zetten?

Cels: ‘In het eerste fonds liepen wij tegen onze grenzen aan. Deals van tussen de 3 en 8 miljoen euro passen goed bij ons. Maar als je ineens een groot bedrijf koopt, loopt je fonds snel vol. Zeker als je nog een keer moet door investeren kan het zomaar om een bedrag van tien miljoen euro per deelneming gaan. Dergelijke deals kunnen we in ons tweede fonds beter veroorloven. Ik voorzie overigens geen problemen met het invullen van ons tweede investeringsfonds. Dat geld gaan we ook gewoon in vier jaar uitgeven.’

Van Boxtel: ‘We moeten in ieder geval opschalen, dat lijkt me duidelijk. Om een dubbele hoeveelheid geld te investeren, zullen we harder moeten werken. We hebben recent al een paar nieuwe mensen aangenomen. Die zijn nu op pad om bedrijven te benaderen. Want de dealflow moet omhoog.’

Voor die dealflow benaderen jullie zelf bedrijven, maar ondernemers komen ook naar jullie toe. Welk type ondernemer neemt contact op met Karmijn?

Cels: ‘Wij worden vaak benaderd omdat we duidelijk voor een andere aanpak staan. Ondernemers zetten soms verschillende soorten investeerders naast elkaar. En dan onderscheiden wij ons nogal van de meer traditionele investeerders, veelal mannen in krijtstreeppak die al vrij snel over een bedrijfswaardering beginnen. Daarnaast zijn we in eerste instantie vooral geïnteresseerd in de ondernemer zelf: hoe iemand is begonnen in de garage van zijn grootvader, welke wegen heeft hij allemaal bewandeld en waarom is zijn product zo veel beter dan dat van de concurrent?’

Van Boxtel: ‘Daarin zijn wij blijkbaar uniek en daarom wordt ons de deal vaak gegund. We betalen ook niet de hoofdprijs. De keren dat wij hebben meegedaan aan veilingen verloren we meestal. Want bij veilingen draait het alleen maar om de prijs, en krijg je geen kans een relatie met de ondernemer of zijn directieteam op te bouwen.’

Wat is het verhaal van jullie eigen garage? Hoe zit het met jullie eigen pad richting ondernemerschap?

Cels: ‘Ondernemen was niet vanzelfsprekend in ons gezin. Mijn moeder is ambtenaar, mijn vader psycholoog. Toen ik mijn vader vertelde dat ik was aangenomen als consultant in het bedrijfsleven, maakte hij zich vooral zorgen over de stress waar ik mee te maken zou krijgen. Tijdens mijn MBA-studie hoorde ik iemand over private equity vertellen en dat wekte direct mijn interesse. Want adviseur spelen was leuk, maar ik wilde dichterbij de knoppen zitten. De eerlijke feedback, het succes en falen voelen in je eigen portemonnee. Zo werd ik mede-oprichter van het turnaround investeringsbedrijf Plain Vanilla, waarmee we een aantal bedrijven van de ondergang hebben gered.’

Van Boxtel: ‘Ik ben een dochter van een ondernemer. Mijn vader had een drukkerij in het Zuidoosten van Brabant. Na mijn studie bedrijfskunde ben ik bij ABN Amro aan de slag gegaan en heb daar een onderdeel van ABN Amro Participaties opgezet. Daarna besloot ik zelf te gaan ondernemen met Painted Love – een groothandel in interieuraccessoires. In 2007 ben ik daarmee gestopt, ik was er wel klaar mee. Met mijn compagnon hadden we vijf of zes mensen in dienst, maar deden het meeste werk zelf. We wisten dat we moesten uitbreiden naar Duitsland, maar daar zijn we achteraf te voorzichtig mee geweest. We werkten te lang met agenten in het buitenland. Soms moet je gewoon mensen aan durven nemen, anders kun je ook geen volgende stap maken.’

Uit onderzoek van Brookz bleek onlangs dat nog slechts zes procent van de ondernemers die een bedrijf koopt, een vrouw is. Waarom is dat?’

Van Boxtel: ‘Een headhunter vertelde ons ooit dat zij regelmatig werd benaderd door vrouwelijke directieleden die werkten bij bedrijven die op het punt stonden te worden overgenomen. Die vrouwen gingen ervan uit dat zij niet in aanmerking zouden komen om deel uit te maken van de nieuwe directie. Voor veel vrouwen is het blijkbaar ondenkbaar om zelf een bedrijf over te nemen. Ik denk dat dat te maken heeft met een gebrek aan kennis, van zowel het overnameproces als van de financiering. Wij spraken vorige week nog een vrouw die bijvoorbeeld zei dat ze geen geld had om een bod te kunnen doen. Ik kan je vertellen: de meeste mannen hebben ook geen geld voor een bedrijfsovername. Maar die weten dan veel beter de weg te vinden naar banken of investeerders.’

Cels: ‘Aanvankelijk dacht ik dat vrouwen en investeerders elkaars taal gewoon niet spraken. Dat is ook een beetje zo, maar het belangrijkste is dat vrouwen vaak het juiste netwerk niet hebben. Ze hebben wel een sociaal netwerk, op de school van hun kinderen of in de buurt, maar daar heb je niet zoveel aan als je financiering zoekt. Daarnaast hebben ze ook vaak geen tijd of zin om al die bijeenkomsten en netwerkborrels af te lopen. Ik begrijp dat wel, maar als je mee wilt doen, moet je af en toe ook je gezicht laten zien.’

Heeft het er misschien ook mee te maken dat vrouwen voorzichtiger en meer risicomijdend zijn dan mannen?

Cels: ‘Dat vind ik op zich geen kwalijke eigenschap. Het is heel verstandig als je er lang en goed over nadenkt wie je medeaandeelhouder in het bedrijf wilt maken. Overnameprocessen verlopen vaak zorgvuldiger als vrouwen erover meebeslissen.’

Van Boxtel: ‘Het opvoeden van vrouwelijke ondernemers hoort bij onze rol, maar je moet niet denken dat die vrouwen zich ooit zullen gedragen als mannen. Daarnaast zijn er ook vrouwen die juist veel risico nemen, zoals Marlies Dekkers. Alleen maar risico’s nemen is ook niet ideaal. Het gaat om de balans en die waarborg je het beste met een divers en evenwichtig team.’

Hoe heeft u die balans in het bedrijf van Marlies Dekkers teruggebracht?

Cels: ‘Bij Marlies’ bedrijf liepen alle beslissingen via haar, er was geen filter of iemand die eens op de rem trapte. Wij hebben om Marlies heen een team van mensen geformeerd die anders zijn dan zij. We trokken een CEO aan die net als Marlies goed is in marketing. Dat bevordert het wederzijds respect. Daarnaast een CFO die af en toe een streep durft te trekken en de vraag stelt: “is er ook een plan B?” Het gaat erom dat de teamleden elkaar respecteren, bereid zijn om naar elkaar te luisteren en tegen elkaar zijn opgewassen.’

De meeste DGA’s zijn behoorlijk eigenwijs en zullen het moeilijk vinden de regie uit handen te geven.

Cels: ‘Er zijn heel veel bedrijven met een charismatische oprichter en een groep ja-knikkers om hem of haar heen. In dat soort bedrijven kunnen wij wel beginnen te praten over diversiteit, maar dat zullen wij nooit realiseren. Laat die ondernemers dan maar hun one-man- of one-woman-show voortzetten.’

Misschien werkt het ook wel averechts als er een paar vrouwen van een investeringsmaatschappij langskomen die zo’n ondernemer even uitleggen hoe het zit?

Van Boxtel: ‘Als wij op bezoek gaan bij een bedrijf, komen wij nooit met een delegatie van drie vrouwen langs. Als je dat wel zou doen, dan weten wij dat je een issue hebt. Nee, hier werken vier heren en vijf vrouwen. Dus soms gaat er een man mee, soms gaan twee mannen op afspraak naar de ondernemer, en soms twee vrouwen. Tegelijk weten wij dat iemand als Marlies nog nooit andere delegaties heeft ontvangen dan groepen mannen, en dat geldt ook voor de meeste mannelijke ondernemers. Dan kan het op zich al verfrissend werken als je met een gemengd team aankomt’

Het gaat bij Karmijn toch wel om meer dan alleen het feit of er wel of niet een divers team langskomt?

Cels: ‘Voor de ondernemers die voor ons kiezen is diversiteit helemaal geen issue. Daar kiezen ze ons niet op uit. De ondernemers die met ons in zee gaan doen dat omdat wij anders zaken doen, omdat ze dat een bijzonder en opvallend geluid vinden. Wij zitten ook niet in een toren aan de Zuidas, of in een grote villa met een lang grindpad. Gewoon nuchter en down to earth. Dat vinden ondernemers heel prettig, daarin herkennen ze zichzelf.’

Van Boxtel: ‘ Onze toegevoegde waarde zit vooral in een stuk professionalisering. Dat begint met een onderbouwde visie en een lange termijn strategie. In plaats van handelen op gevoel en geruchten. Daarnaast zorgen wij voor een goed management informatiesysteem. Niet alleen weten hoeveel omzet je hebt gehaald, maar ook waar de marges worden behaald. Wij helpen te arrangeren dat er onderbouwde besluitvorming kan plaatsvinden, dus we bereiden bijvoorbeeld strategische sessies voor met onderzoek en analyse. Dat is iets waar veel ondernemers vaak zelf niet aan toe komen uit tijd- en kennisgebrek.’

Hoort bij het voorzichtige en risicomijdende investeringsbeleid van Karmijn ook een conservatief rendement?

Van Boxtel: ‘Nee, we zijn in hoge mate divers als investeerder en behalen juist daardoor hoge returns. En hoezo is riskant ondernemen goed voor het rendement? Door keihard geld uit te geven kun je razendsnel hartstikke failliet gaan. Nee, wij rekenen met 20 procent return.’

Cels: ‘Met onze eerste exit, YouMedical, hebben we bijna 60 procent rendement gemaakt in de drie jaren dat we een belang in dat bedrijf hebben gehad. Dat is onze drijfveer: laten zien dat je met onze aanpak ook een heel goed rendement kunt halen.’

Karmijn Kapitaal heeft onder meer geïnvesteerd in een designmerk, een lingeriebedrijf en een kunstverkoper. Waarom niet in een maker van businessto-busines-softwareoplossingen of een e-healthonderneming?

Van Boxtel: ‘In ieder geval niet in wapens, kinderarbeid, of sterke drank. En ook niet in vastgoed.’

Cels: ‘We investeren alleen in bedrijven die we snappen en waar we iets mee hebben. Om te voorkomen dat een van ons verblind wordt van verliefdheid op een bedrijf waarin we investeren, hebben we afspraken gemaakt. We moeten het alle drie eens zijn met een investeringsbesluit. Twee van de drie kunnen wel een exit pushen. Als een van ons niet meer zakelijk kan kijken naar een bedrijf en wil aanhouden, kunnen we toch verkopen.’

Welke missers heeft Karmijn Kapitaal gemaakt?

Van Boxtel: ‘We doen dit al twintig jaar. En al die tijd gaat het hetzelfde. Ik heb missers meegemaakt, maar reken er niet op in het portfolio van Karmijn. Wij investeren anders dan we bij de bank deden. Wij doen niet aan durfkapitaal, steken geen geld in startups, en doen geen dingen die we niet begrijpen. Ons grootste risico is dat we, net als elk bedrijf dat een tijdje succesvol is, ons te veel conformeren. Maar dat gaat niet gebeuren, we zijn drie gelijke partners en houden elkaar scherp.’

Cels: ‘ Soms stellen investeerders ons de vraag: wie van jullie is nu echt de baas? Maar zo werkt het niet voor ons. Die leider is er ook echt niet onder ons.’

Hoe staat het met jullie eigen exit?

Cels: ‘Karmijn blijft gewoon bestaan. Na fonds 2 komen fonds 3, 4, 5, en 6. Wij zullen er zelf ooit wel een keer uitstappen, maar dan nemen anderen het stokje over.’’

Van Boxtel: ‘Maar we zijn nog lang niet klaar hoor. De komende jaren willen we naar het buitenland met ons concept, er zijn genoeg landen met een hoge ondernemersparticipatie van vrouwen. En in al die landen zie het participatiewereldje er hetzelfde uit: alleen maar mannen. Kortom, er is nog een wereld te winnen.’

Redactie team, Brookz

De redactie van Brookz bestaat uit een team van deskundige en ervaren auteurs op het gebied van bedrijfsovername, groei en financiering. De redactie is onafhankelijk en schrijft objectief over nieuws, trends en ontwikkelingen in de Nederlandse overnamemarkt. 

artikel delen

Snel en succesvol uw bedrijf verkopen?

Anoniem je bedrijf verkopen via Brookz

Plaats een anoniem verkoopprofiel op Brookz en bereik in korte tijd meer dan 20.000 potentiële kopers!