Henk Brat, Lexsigma Advocaten | September 19, 2012

Bij een bedrijfsovername hoort vaak het ondertekenen van een concurrentiebeding. Maar wat mag u daarna wel en juist niet doen als verkoper?

Bij een verkoop van een bedrijf zal de koper van de verkoper verwachten dat die na de bedrijfsverkoop geen concurrerende werkzaamheden zal verrichten. Koper zal immers niet bereid zijn om goodwill te betalen als de verkoper de dag na de koop van het bedrijf om de hoek een vergelijkbaar bedrijf begint en gaat concurreren met de onderneming die hij zojuist verkocht heeft. Om dit te voorkomen zal in de overname-overeenkomst een concurrentiebeding moeten worden opgenomen.

Concurrentiebeding

Maar wat staat er nu precies in zo’n concurrentiebeding en waar dient men als verkoper rekening mee te houden? Allereerst zal het concurrentiebeding voor een bepaalde periode gelden. Gebruikelijk is een periode van 2 tot 3 jaar. Een langere duur brengt het risico met zich mee dat het concurrentiebeding nietig is, in welk geval er dan helemaal geen concurrentiebeding geldt.

Ook zal een concurrentiebeding beperkt zijn tot een bepaald gebied, namelijk het gebied waar de onderneming zelf actief is of al activiteiten heeft verricht om actief te gaan worden. Ook hier ligt het gevaar op de loer dat het beding nietig is als het gebied te groot is.

Verboden

Een goed geschreven concurrentiebeding zal niet alleen bepalen dat het de verkoper niet is toegestaan om een concurrerende onderneming op te starten, maar zal daarnaast ook inhouden:

  1. een verbod om werknemers van de onderneming te benaderen om in dienst te treden bij de verkoper of een daaraan gelieerde onderneming; 
  2. een verbod om contact te hebben met zakelijke relaties van de onderneming dan wel deze over te halen geen zaken meer te doen met de onderneming;
  3. een verbod om gebruik te maken van de kennis en knowhow van de onderneming;
  4. een verbod om gebruik te maken van of inbreuk te maken op de intellectuele eigendomsrechten van de onderneming.

Boete

Vaak wordt de vraag gesteld of het noodzakelijk is om een boete te zetten op overtreding van het concurrentiebeding. Mijn antwoord daarop is ja. Ten eerste gaat hier een preventieve werking van uit: als de boete hoog genoeg is, zal de verkoper wel drie keer nadenken voordat hij het concurrentiebeding overtreedt.

Daarnaast geldt dat bij overtredingen van het beding direct een boete wordt verbeurd en dat je als koper niet hoeft aan te tonen dat je schade hebt geleden en wat je precieze schade is. Met name dat laatste is in de praktijk namelijk lastig aan te tonen.

Kortom, besteed als koper voldoende aandacht aan het concurrentiebeding om zo de goodwill van de onderneming te beschermen en te gelde te kunnen maken.

Henk Brat, Lexsigma Advocaten

Henk Brat is partner bij Lexsigma Advocaten. Hij is gespecialiseerd in fusies en overnames, corporate litigation, ondernemingsrechtelijke structuren en commerciële contracten. Henk heeft een focus op de sectoren ICT, e-commerce en de Zorg.

artikel delen