Concurrentiebeding in aandeelhoudersovereenkomst

Henk Brat, Lexsigma Advocaten | October 29, 2014

Bij een fusie of overname waarbij partijen met elkaar gaan samenwerken, zal er door de aandeelhouders een aandeelhoudersovereenkomst worden aangegaan om hun samenwerking in de onderneming vast te leggen.

In deze aandeelhoudersovereenkomst dient aandacht te worden besteed aan een concurrentiebeding. De aandeelhouders zullen het immers ongewenst vinden dat één of meerdere aandeelhouders met de onderneming concurreert.

Onrechtmatige concurrentie

Maar wat als men geen concurrentiebeding overeenkomt? Uitgangspunt is dat een aandeelhouder tot niets meer verplicht is dan het volstorten van zijn aandelen. Dit betekent echter niet dat een aandeelhouder geen rekening hoeft te houden met de belangen van de onderneming waar hij aandeelhouder van is of was. Onder omstandigheden kan er namelijk wel sprake zijn van onrechtmatige concurrentie. In het algemeen zal bij een aandeelhouder die tevens bestuurder is of is geweest de ongeoorloofdheid van een concurrentie eerder worden aangenomen dan bij een aandeelhouder die geen bestuurder is of is geweest.

Maar let op: In het geval van ongeoorloofde concurrentie komt alleen de benadeelde onderneming een vorderingsrecht toe. De concurrerende activiteiten zouden onrechtmatig kunnen zijn waardoor de onderneming de schade zou kunnen verhalen op de overtredende aandeelhouder. Hoewel de andere aandeelhouder indirect schade zou kunnen lijden omdat zijn aandelen in de onderneming minder waard zouden kunnen zijn geworden, heeft deze andere aandeelhouder geen eigen vorderingsrecht. Voor deze zogenoemde afgeleide schade is in het Nederlands recht geen - althans weinig - plaats.

Non-concurrentiebeding

Om zeker te zijn dat er geen concurrentie plaatsvindt door aandeelhouders, zal men dus wel een concurrentiebeding opnemen in een aandeelhoudersovereenkomst. Geen van de aandeelhouders mag dan met de onderneming concurrerende activiteiten verrichten. Aan het non-concurrentiebeding is dan bijna altijd een boetebeding gekoppeld: indien het non-concurrentiebeding wordt overtreden, is de overtredende aandeelhouder aan de onderneming een boete verschuldigd.

Ongeoorloofde concurrentie zal met een concurrentiebeding vanzelfsprekend makkelijker aan te tonen zijn, maar hoe zit dat met het boetebeding? Kan de aandeelhouder zich daar op beroepen? Of kan alleen de onderneming dit? Meestal zal bepaald zijn dat alleen de onderneming zelf zich op het boetebeding kan beroepen. Wil een aandeelhouder daar ook een beroep op kunnen doen, dan dient dit expliciet zo bepaald te zijn.

Kortom, maak bij het opstellen van een aandeelhoudersovereenkomst duidelijke afspraken of: 1) concurrentie met de onderneming wel of niet is toegestaan en 2) als concurrentie niet is toegestaan, wat de boete is die de overtredende aandeelhouder aan de onderneming en/of de andere aandeelhouder moet betalen.

Henk Brat, Lexsigma Advocaten

Henk Brat is partner bij Lexsigma Advocaten. Hij is gespecialiseerd in fusies en overnames, corporate litigation, ondernemingsrechtelijke structuren en commerciële contracten. Henk heeft een focus op de sectoren ICT, e-commerce en de Zorg.

artikel delen